May 24, 2012

[Fixie]

Ik begon door te krijgen hoe het werkte, dit vreemde spelletje. Het wat en waarom ontgingen me nog. Ik deed een stap achteruit en mijn vriendin vervaagde. Ik zag haar mond bewegen om iets te formuleren, maar ondanks de afstand van slechts een meter tussen ons, hoorde ik niets. Ze keek angstig. Ik stapte naar haar toe en ze materialiseerde zich weer. We konden weer praten.

Na een uitwisseling van angsten en speculaties besloten we onze kalmte te bewaren. We moesten vooral de schemerige, stoffige zolderkamer waar we ons nu op bevonden verlaten. Er klopte hier iets niet, naast het bizarre fenomeen dat we zojuist hadden doorstaan hing er een waas van narigheid en kwaadaardige anticipatie in de lucht. Het probleem: Het stikdonkere trapgat van de oude spiraaltrap oogde als een hongerig keelgat dat ons zonder enige overdenking zou opslokken.

Ik weet nog goed dat ik mijn mond en stembanden forceerde om iets te zeggen. “Ik ga wel eerst,” kwam er met moeite en zonder enige overtuiging uit. Mijn vriendin keek angstig en ik begreep waarom. Wat als weer hetzelfde zou gebeuren als zojuist? Ik zette mijn tanden op elkaar en nam een stap in de richting van het trapgat.

Weer werd het een fractie donkerder dan eerder. Angst greep me bij de strot en ik riep naar haar. Ze hoorde me niet. Ik forceerde mezelf om te blijven staan en niet terug te lopen naar mijn liefde. Ik wenkte haar om naar mij toe te komen, wat ze deed en op haar beurt werd ze weer zichtbaar, tastbaar. Het was duidelijk, we moesten bij elkaar blijven.

Ze greep mijn hand en ik liet de hare niet meer los. Zonder iets te zeggen renden we de trap af, rond en rond. De verduisterde, verlaten verdiepingen die we niet zagen, maar waarvan we wisten dat ze er waren uit herinnering en door de lichte tocht die we voelden, lieten we links liggen. Bij elk onzichtbaar, open deurgat verstijfde mijn lichaam en tintelde mijn ruggengraat. Na een eeuwigheid, aldus mijn perceptie, kwamen we beneden, waar het iets lichter was.

Epiloog
De nachtmerrie was nog niet over, nee, het was slechts het begin van de eindeloze kwelling die me te wachten stond. Nu, ik tel de jaren niet maar er zouden dertig jaar verstreken kunnen zijn, loop ik elke dag de martelgang omhoog naar de zolder, waar het gebeurde. Ik zit daar in mijn schommelstoel en mijmer dan over wat had kunnen zijn. Ik heb de schommelstoel zo geplaatst dat ik uitkijk op het donkere gat, niet die van de trap. De versplinterde, rotte planken van de oude vloer om het gat heen doen denken aan een roestig, venijnig gebit. Ik overpeins of ik me wederom zal laten omhelzen door de duisternis, of ik me weer zal laten verslinden door de mond van het definitieve einde.

Toen we beneden waren gekomen voelde ik eerst blijheid, verlossing en vooral een honger naar de zon en frisse buitenlucht. Al snel veranderden deze gevoelens naar twijfel en uiteindelijk bleef er niets over dan onbegrip, angst en verdriet. Tranen vloeiden ongemerkt, mijn adem stokte. Ik keek naar mijn hand die zojuist nog de hand van mijn liefde hadden vastgeklampt. Ik zag niets meer.

Ik werd wakker in het ziekenhuis, waar ik aan de blikken van de verpleegsters en uit het zwijgen van de artsen kon opmaken dat ik er goed vanaf was gekomen. Ik had de val overleefd. Als enige. Mijn lichaam herstelde zich…

Ik zie haar af en toe. Ze zegt iets, maar ik hoor niets. Als ik haar probeer aan te raken vervliegt ze als dauw voor de zon. Ik rust mijn hoofd in mijn handen en huil niet meer.

May 14, 2012

[Interview] The Eye of Time

The Eye of Time

An interview with Marc Euvrie, mastermind of The Eye of Time.

May 12, 2012

[Review] Agruss – Morok

Agruss – Morok

This Ukrainian debut blew me away with epic walls of sound, emotional honesty and pure heaviness. Post atomic black metal they say. Well, that about covers it. 95/100

May 1, 2012

[Reviews]

Faal – The Clouds Are Burning 91/100

Saint Vitus – Blessed Night

Saint Vitus – Lillie: F-65 89/100

Anathema – Weather Systems 87/100

April 24, 2012

[Live Review] Roadburn 2012

Roadburn 2012

To awesome for a summary.

April 19, 2012

[Minipiece]

Een bestelbusje van een taxibedrijf rijdt voorbij. Door de achterruit vang ik een glimps op van een in een dikke jas ingepakte gestalte, volledig verkrampt en verwrongen door een spasme. Op de achterkant van het busje staat de tekst: ‘bij taxibedrijf … zit je altijd goed’.

April 19, 2012

[Minipiece]

Een doosje tissues op het bureau van de uroloog, met de tekst: ‘Uw seksleven weer als voor uw erectiestoornis’

April 8, 2012

[Piece]

Om mijn tijd efficiënt in te delen, iets wat van essentieel belang is tijdens het uitgaan, ga ik even pinnen terwijl mijn patatjes stuk voor stuk verdrinken in het borrelende vet. Voor ik aan de beurt ben aanschouw ik een tweetal fietsers, die waarschijnlijk na geparkeerd te hebben ook wel in de stad te vinden zijn. Ze zijn aan het synchroonpinnen. Precies tegelijkertijd draaien de vrienden hun fiets om en fietsen weg. Nadat ik het bedrag, precies genoeg voor mijn doel vanavond, weer in mijn portemonnee heb gestopt ga ik terug naar de Febo, waar mijn patatje nog steeds niet klaar is. Een jongen die ik net had gegroet omdat ik hem dacht te herkennen groet me opnieuw, zeer nadrukkelijk. Nog heel even twijfel ik, zou ik hem dan toch kennen? Nee. Ojee, dit is toch niet wat het lijkt dat het is? Heb ik misschien, omdat ik hem zojuist zo nadrukkelijk groette in verband met mijn gevoel van herkenning, het verkeerde idee gegeven? Misschien valt het wel mee. Hij stort binnen met een joint in zijn hand zijn hart uit. Hij pauzeert heel even om een hijs te nemen en mij eveneens een trekje aan te bieden. Ik weiger, we staan immers binnen. “Ik heb een jaarlang last van psychoses gehad. Enorm manisch enzo.” Ik knik begrijpend. Wat ik precies begrijp weet ik niet, maar ik reageer: “Wat vervelend! Heb je daar nog steeds last van?” Hij schudt zijn hoofd, neemt nog een trekje en vervolgt: “Het gaat nu beter, maar kan me nog steeds niet voor een lange tijd concentreren. Dat is wel lastig met solliciteren ook, ik zou geen fulltime baan kunnen aannemen.” Om het gesprek gaande te houden, waarom ik dat wil weet ik eigenlijk ook niet, vraag ik wat hij nu precies doet. “Ik werk op een boerderij, drie dagen in de week.” “Wat doe je daar precies?” vraag ik. “Ik ben een soort manischje van alles.” Met moeite hou ik mijn binnenpret waar hij hoort, terwijl ik mijn patatje met in ontvangst neem.

April 4, 2012

[Review] Radical Nerve Distortion – Nailgunning Your Dome

Radical Nerve Distortion – Nailgunning Your Dome

Take two cups of hardcore and mix them with one cup of thrash en one cup of doom, bake for fifteen minutes in a pre-heated oven (200c) and the result will smell, sound and taste somewhat like this EP by Dutch band Radical Nerve Distortion. At least that’s a recipe they hint at in their promo sheet. I completely agree with the first part, but what we have here is way to fast and aggressive to be called doom. Short catchy songs with a vocalist bellowing memorable lyrics. No grade, as this is an EP.

April 3, 2012

[Piece]

Kijk, daar hebben we de bushalte. Het perfecte moment om tijdens het wachten op de bus even bij te komen. Ik dacht dat ik te laat zou zijn en had me enorm gehaast, met als resultaat dat ik hier nu acht minuten te vroeg sta. Ik doe mijn ogen dicht en geniet even van de zon. Als ik ze weer opendoe zie ik haar aan komen lopen, of beter gezegd, waggelen. Ze is nog aan de overkant, maar ik herken haar meteen. Ik heb haar eerder gezien, die opvallende verschijning. Een donkere vrouw met oranjerood geverfd haar. Een combinatie, die in combinatie met haar bodywarmer en rokje op zijn minst een bijzondere combinatie te noemen is. Ze is kort en gezet, haar benen naar verhouding nog korter, maar gek genoeg zijn die wel slank.

Ze zegt iets tegen me. Ik hoor niets want mijn koptelefoon vult mijn hoofd met het trage, melancholische gedreun van een Chileense doomband. Noodgedwongen en met tegenzin schuif ik mijn koptelefoon naar achteren zodat hij om mijn nek hangt. “Ben je ziek?” herhaalt ze in een zwaar Surinaams accent, wijzend naar mijn benen. Omdat ze op me overkomt als een ‘lief vrouwtje’ antwoord ik kort dat het blijvend is en door een ongeluk komt. “Wat voor ongeluk?” vraagt Surinaams Aagje. “Dat is een lang verhaal,” probeer ik mezelf ervan af te krijgen. “Dat geeft niet, ik heb de tijd,” lacht ze hartelijk. Dat is potverdikkeme niet wat ik bedoel met ‘een lang verhaal’. Ik heb hier helemaal geen zin in. Waar blijft die verdraaide bus? Ik vertel het verhaal, kort samengevat. Het maakt iets in haar los. Een lang verhaal om precies te zijn. “Ik ben er ondertussen wel aan gewend hoor, dat alleen wonen. Zes jaar geleden vond ik mijn man in bed met mijn beste vriendin.” Ze heeft de smaak te pakken en het trieste verhaal wordt in de vorm van een zondvloed aan licht vervormde woorden verteld. Tot de bus daar is. Zij stapt voor in. Ik achter. De uitwisseling van persoonlijke informatie tussen twee vreemdelingen is weer voltooid.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.